Ze zijn dan ook altijd bezig. Soms zichtbaar (lichamelijke onrust), maar bij velen wordt dit gecamoufleerd door “dagdromen”. Toch is dan sprake van een grote denkactiviteit.

Omdat in het reguliere onderwijs op een sterk talige manier wordt lesgegeven ontstaan er vaak al in groep 4 problemen. Vaak zijn dit dyslectische verschijnselen, met de bijbehorende achterstand op lees- en/of spellinggebied. Maar evengoed kunnen er pas veel later problemen ontstaan bij de vreemde talen, vooral bij Engels. Het kan ook zijn dat ze maar moeizaam de rekenbewerkingen of het muzieknotenschrift weten te automatiseren.

Door grote onkunde over deze bijzondere aanleg komen veel talenten van beelddenkers vaak onvoldoende aan het licht of pas na beëindiging van het schoolse onderwijs. Veel volwassen beelddenkers kijken daarom met pijn en verdriet terug op hun schoolloopbaan.